Tuesday, December 4, 2018

kleine mannetjes ... er blijft niks groots aan kleven

Ik heb me “even” met de climate wars bemoeid. Dat is me slecht bekomen. Dat komt: je hebt voorstanders - de alarmisten - en tegenstanders - sceptici geheten. De groepsaanduidingen zijn een beetje dubieus - ik noem mezelf anti-alarmist - maar praktisch is er mee te werken: ze zijn herkenbaar.
Ze zijn beide ontzettend herkenbaar. Zo geprofileerd, zich zo identificerend met het eigen probleem, dat er nauwelijks communicatie ‘plaats vindt.

Ik ben niet de eerste die dat constateert. Alle klimaattafels van Nijpels, en z’n rondjes door het land ten spijt: tussen die groepen wordt niet gepraat.

Die bemoeienis mocht ik zichtbaar maken op climategate.nl - met dank aan Hans Labohm, hoofdredacteur. Die bemoeienis is ogenschijnlijk nogal abrupt geëindigd, vooral vanwege de aanleiding - maar er lag een dieper gevoelen aan ten grond slag.

De aanleiding was deze. Climategate, een sceptische site, wordt steeds frequenter bevolkt door alarmisten. Ik had daar last van, en ik deelde dan ook wel eens een schop uit. Eén van de alarmisten beklaagde zich over mijn niveau. Waarop een scepticus - dus één van mijn bentgenoten - hem goedmoedig toesprak en zei dat ze ook niet van die grote ego’s hield. Een andere scepticus - dus ook een “vriend” - verweet mij rechtstreeks dat ik mede de discussies liet ontsporen, omdat ik wel eens een alarmist een draai om z’n oren gaf.
Wat daar ook over te zeggen is, politiek is dat onhandig - alarmisten is een raar slag mensen, maar: een gesloten front. En om je eigen front dan kwetsbaar te maken is niet zo handig, daar wordt garen bij gesponnen.

De dieper liggende oorzaak was deze. Ik zei: bevolkt door alarmisten. Dat is zachtjes uitgedrukt. Ik heb hier nog een screenshot, van climategate.nl, waarop de lijst van meest recente reacties volledig gevuld is met namen van alarmisten. M.a.w.: niet climategate bepaalt de discussie, maar de alarmisten. Hans Labohm bestiert weliswaar de agenda van te plaatsen stukken, zij die de postings schrijven bepalen de inhoud ... uh, dat is de vraag; ik heb gemerkt dat ik bij mijn schrijven wel eens dacht: wat zal die en die alarmist hiervan vinden ... okay, wij schrijvers bepalen de inhoud. Maar de alarmisten bepalen hoe de discussie er uit ziet.

En dat heeft maar één doel, zoals op de sceptische site Watts Up With That? uit de doeken wordt gedaan: een crusher crew die ingezet wordt om de discussies dood te slaan, te laten ontsporen, triviaal en kinderachtig te maken, en de deelnemers als idioten neer te zetten - met als enige doel dat de serieuze bezoekers van de site ophouden met mee te doen aan de discussie. Flag them, discuss them and then send in the troops to hammer down ...
Climategate is inmiddels helemaal in de ban van zo’n crusher crew.

Iemand zou kunnen denken dat ik ook moeite gehad zou hebben met het soort publiek: het is, zachtjes gezegd, een nogal reactionair publiekje, zeg maar een hoog PVV-gehalte - ik heb daar een post aan gewijd: Een rechtse hoek
Nee, dat is voor mij geen issue geweest.
Sterker nog, ik heb iets geleerd. Volgens het zwart-wit schema komen de alarmisten uit de Groen Linkse hoek, en de aanverwante D66 aanhang. Als dat waar is, en van een aantal weet ik dat dat klopt - nou, neem dan maar van mij aan dat Groen Linkse figuren mateloos irritant kunnen zijn en dat D66’ers helemaal niks met redelijkheid hebben.

Eén van mijn grote zorgen in deze discussie is de aanstaande maatschappelijke ontwrichting. De desastreuze gevolgen van de energietransitie, met name financieel, maar ook kwalitatief - vooral doordat het allemaal vlug vlug vlug moet - en het gebrek aan communicatie daarover zal maken dat grote groepen zich buitengesloten voelen, zo niet rechtstreeks belazerd. Daarvoor is absoluut geen gevoel bij die wereldverbeteraars. Het gaat om de planeet, is een bekende slogan. En ze doen daarbij niet onder voor automatiseerders en hun grootse plannen uit de jaren zeventig van de vorige eeuw: binnen 25 jaar hebben we een hele nieuwe orde, en zijn we allemaal blij.
In NL zie je het aankomen: de mensen in het noorden, wier woonomgeving is bestemd voor windmolenparken. Daar is iets aan het broeden - en dat is geen windei.
In België en in Frankrijk is het inmiddels al ontwricht. De protesten zijn niet meer in de hand te houden, en de kerk van de Gilets Jaunes kent inmiddels al een scheuring.

Het is een wonderlijk slag mensen, die alarmisten. Iemand heeft ze als volgt getypeerd:
... a cocktail of ideas which includes anti-industrial nature worship, post-colonial guilt, a post-Enlightenment belief in scientists as a new priesthood of the truth, a hatred of population growth, a revulsion against the widespread increase in wealth and a belief in world government... protest movements which involve dressing up and disappearing into woods, and a dislike of the human race, exclaiming: the world has cancer and the cancer is man.
Ze hebben geen echte belangstelling voor wat er allemaal verkeerd kan gaan. Ze realiseren zich niet dat de wereld, zoals die er nu uitziet, en waar ze graag tegenaan schoppen, ook het resultaat is van de daden van wereldverbeteraars.

Maar dat wat zich aanmeldt als lid van een crusher crew - dat moet een raar slag mensen zijn. Jijbakkers en omkeerders van heb ik jou daar, ze sneren en kleineren, geen enkel respect voor degene met wie ze in gesprek zijn. Dat moet je kunnen hoor, moedwillig, zonder een greintje schaamte, een discussie laten ontsporen. Ze hebben een geweldig bord voor hun houten kop: als iemand ze daar vriendelijk op wijst, of het recht voor z’n raap zegt (zoals ik) verblikken noch verblozen ze.

Dat is iets waar ik geen vingertje achter kan krijgen, waar ik ook niet mee om kan gaan. De enige genoegdoening die ik kan krijgen, het enige pleziertje dat ik mag beleven, is dat ik af en toe flink uit kan halen. Zoals ik zo'n kraker mocht toevoegen: wat ben jij toch een klein mannetje, er blijft niks, maar dan ook helemaal niks groots aan jou kleven.

't Is allemaal niet verstandig, en ’t helpt niks natuurlijk, maar het brengt voor even opluchting. En waarom zou een mens altijd verstandig moeten zijn?

postings op climategate

Voor climategate heb ik een aantal posts geschreven. De eerste heb ik, min of meer terzelfder tijd, ook op dit blog gezet. Hier volgen de links naar de overige berichten die ik op deze site heb mogen plaatsen, in volgorde van verschijnen.

22 juni 2018 Samenzweerders



5 juli 2018 Hel en verdoemenis



26 juli 2018 Meer beren op de weg … nieuwe kansen



27 augustus 2018 Klimaatverandering – vaker ondergelopen tunneltjes?



11 september 2018 De lange weg van warrige taal naar wetenschap



19 september 2018 Er is nog hoop! Psychiatrische hulp bij klimaatangst



11 oktober 2018 Hier sta ik, ik kan niet anders



21 oktober 2018 Rosanne Hertzberger heeft (opnieuw) gesproken



13 november 2018 Is God te vroeg dood gegaan?





NB
Dit zijn de laatste van een aantal impressies van wat zich in de climate wars afspeelt.
Deze serie wordt begeleid door wat speldeprikjes.
Voor het eerste speldeprikje zie: mankind stumbling

Monday, December 3, 2018

NRC checkt opnieuw fact

Dit is wat NRC het checken van facts noemt.

De Telegraaf kopt: Het gaat goed met de ijsbeer. De NRC gaat dat factchecken - U weet wel: een bewering checken op basis van bekende feiten.
De conclusie van de NRC: De ijsbeer staat niet acuut op het punt om uit te sterven, maar goed gaat het met de soort zeker niet. Wij beoordelen de uitspraak daarom als onwaar.

Heeft de NRC fact gecheckt?

NRC constateert dat de ijsbeer op de Rode Lijst van natuurbeschermingsnetwerk IUCN ‘kwetsbaar’ wordt genoemd. Dat is een waardeoordeel.

NRC citeert het rapport van Polar Bears: van de negentien subpopulaties lijken er vijf stabiel, één neemt mogelijk in omvang toe en twee nemen in omvang af. Van elf subpopulaties waren er te weinig gegevens om een trend te beschrijven.
Te weinig gegevens!
Wel: vijf populaties lijken stabiel, één groeit, twee nemen af - je nunt niet zeggen dat het slecht gaat.
Maar, benadrukken de auteurs: een verdere afname van de hoeveelheid zee-ijs gedurende de 21ste eeuw zal naar verwachting alle ijsbeersubpopulaties negatief beïnvloeden.
Naar verwachting.
Let wel: ook de afname van de hoeveelheid zee-ijs gedurende de 21ste eeuw is een verwachting, geen feit.
Sterker nog! - schrijft NRC. Sterker nog: door die ijsafname is er volgens computermodellen een kans van zo’n 70 procent dat het aantal ijsberen in 2050 met een derde is afgenomen (citerend uit een publicatie van Royal Society’s Biology Letters in 2016).

Jouke Prop, bioloog aan de Rijksuniversiteit Groningen, zegt desgevraagd: „Ik heb er de meest recente vakliteratuur op nagekeken maar niets wijst op een rooskleurige toekomst voor de ijsbeer. Lokaal herstel van de aantallen na het stopzetten of reguleren van jacht kan misschien wat valse hoop geven dat het voor de ijsbeer meevalt. Maar wetenschappelijk onderzoek wijst in één richting, namelijk dat ijsberen het tegenwoordig zwaar hebben.”

Tja, we hebben het allemaal zwaar. Zoals de eendjes die we voeren. De woerden hoeven geen eten meer te zoeken, vervelen zich, en daarom neemt het aantal verkrachtingen in de eendenvijver een ongekende vlucht.
Onderbuikgevoelens van de grachtengordel.
Zoiets.

Maar dat soort vermoedens uiten is iets heel anders dan fact checken, NRC!


NB 1 zie ook NRC checkt fact




NB 2
Dit is een speldeprikje, uitgedeeld tijdens het "bestuderen" van het wel en wee van de climate wars. Voor die climate wars zie: climate deniers
Voor het eerste speldeprikje zie: mankind stumbles from blunder to blunder










Friday, November 30, 2018

een vreemde boekhandel

Ik was in Amsterdam in de boekhandel, mijn boekhandel. Een gezellige maar rare boekhandel. De middenruimte was een patio. Maar ook daar lagen de boeken gewoon op tafeltjes. Ik had nog nooit meegemaakt dat het regende terwijl ik daar was, maar ik vroeg me toch af wat er zou gebeuren als er een onverwachte stortbui kwam. Onwillekeurig keek ik naar de lucht, en ik zag iets raars boven in de lucht. Een beest hing aan wat als een vlieger oogde, boven de patio. Het leek wel een panda. Dat is een orlo, zei iemand.
Dat is toch geen echt beest, zei ik. Je hangt beesten toch niet aan een vlieger.
Ik stond vlakbij de balie, om te kijken naar de nieuwe uitgaven, de boekhandelaar op gehoorsafstand. Nee, zei die, het leeft niet, anders zou ik hem niet verkopen.
Verkoop jij die dan, vroeg ik.
Ja, zei hij, een leuke gimmick.
Oh, zeg ik, en je weet zeker dat ie niet leeft.
Hij is echt, en hij is echt dood. Dat kan ik je verzekeren, anders kwam ie bij mij niet in de winkel.
Ik zeg: maar daar gaat het natuurlijk niet mee ophouden. Daar gaan meer dieren komen die je aan vliegers in de lucht kunt hangen.
Drones, zei hij.
En je hebt gelijk, er komen meer van die beesten. En hij noemde een aap, een hond, een poes. Kunnen ook nog vogeltjes bij komen. Er komt ook een kikker, op een tak. Die tak is levend, maar de kikker moet dood zijn.
Ze worden steeds kleiner, zei ik. En allemaal echt dood?
Gegarandeerd. Als er weer een nieuw exemplaar komt, controleer ik dat persoonlijk. Geen levende dieren in mijn boekhandel. Echt en dood.
Je lijkt God wel, zei ik. Die schiep iets, en hij zag dat het goed was.

Ik ging naar de andere hoek van de balie, waar nog meer nieuwe uitgaven lagen.
Hi riep me achterna: wat bedoel je eigenlijk?
Grapje, riep ik terug. No offence.
Nou, zei een medewerker, waar ik nu bij in de buurt stond. Da’s anders geen leuk grapje.
Ik kan het uitleggen zei ik, ik dacht dat we aan het gekscheren waren. Kijk, je ging van zoogdieren naar vogeltjes en zo naar reptielen. Van groot naar klein. Dus ik zag de evolutie, zeg maar de schepping in omgekeerde volgorde. En jij zou persoonlijk er op toezien dat ze dood waren voordat ze de lucht in konden. Op een nog levende tak. Dus jij gaat de weg terug, die God tot nu toe heeft afgelegd. Dat zet jou op hetzelfde level.
Nou, zei de medewerker, ik vind het toch niet zo netjes; ook de andere klanten horen jou dat zeggen.

Ik verliet de boekhandel, dit keer zonder een boek te hebben gekocht. Ik daalde via een vicolo naar een lager gelegen straat. Wat gek, dacht ik, dit kan Amsterdam niet zijn. Maar de mensen die spraken kon ik verstaan.
Niet ver van me vandaan, op een hoek van de straat, speelde een fluitist zijn deuntjes. Ik stond even stil, en luisterde. Ik meende Bach te herkennen. Een oudere man liep langs me. Hij mopperde in zichzelf. Ze laten tegenwoordig ook maar iedereen los die een instrument vast kan houden. En ik, net van mijn ziekbed opgestaan, en voor het eerst weer buiten, moet dat aanhoren.

Hoe wonderlijk het leven ook voor de een, voor de ander kan het een hard gelag zijn, mompelde ik terug - maar wel zo duidelijk dat hij het gehoord moet hebben.





Thursday, June 14, 2018

het klimaat: iets als het menselijk lichaam?

Ik heb zelf de vraag al in een eerdere post I've read the science gesteld: is het klimaat een cybernetisch systeem?

De vraag is ook aan de orde geweest in een post van Frans Galjee op climategate.nl Waarom de klimaatdiscussie problematisch blijft Galjee gebruikte het woord autoregulatie, en refereerde daarmee aan een tekst van Arthur Rörsch, die reageerde op vragen van blogger Marleen en mijzelf. Rörsch schreef: Autoregulatie is in de proceskunde het verschijnsel dat er een evenwicht kan ontstaan zonder dat er iets gestuurd wordt, en noemde daarbij de wet van Stefan-Boltzmann. Inmiddels heeft Rörsch, in een persoonlijke email-wisseling, de term teruggenomen en voorgesteld van autonome regeling te spreken.

Ook Galjee - die het woord regelkring gebruikte - heb ik gevraagd hoe dat proces nu te zien.
Onafhankelijk van elkaar kwamen hij en ik op de analogie met het menselijk lichaam (zie enige reacties onder Galjee’s post).

Let wel, ik heb het hier over gecompliceerde processen, niet over een simpele wetmatigheid, zoals de zwaartekracht.

Bij mij begon het aldus. Ik zei tegen mijn partner: het is toch zo dat we in ons lichaam zelfregulatie zien en herkennen - laat ik het woord blijven hanteren waarmee Rörsch opende, omdat ik het hier goed gebruikt vind.
We snijden ons in de vinger ... en het stromende bloed zorgt tevens voor dichting van het gat.
In ons lichaam hebben we iets heel vervelends zitten, en koorts geeft een signaal, of lost het zelfs op.
Maar, ons lichaam lost niet alles zelf op. Aan een onbehandelde blindedarmontsteking gaan we, normaal gesproken, nog steeds dood. Kanker kan ons lichaam niet zelf oplossen, en in nog (te) veel gevallen schieten zelfs medicijnen en een medische behandeling te kort.
Én ... we gaan hoe dan ook dood.
Desalniettemin, er zijn veel processen in het lichaam aan te wijzen, waar het lichaam zelf ongenoegens oplost en opruimt.

De eerste vraag is natuurlijk een filosofische: hoe weten wij dat daar sprake is van zelfregulatie? Een welgevulde hersenpan doet hier drie dingen: a) zegt cogito ergo sum, b) observeert dat iets goed geregeld is, c) koppelt dat aan het zelf. Het is in dit geval het ik dat van zichzelf zegt dat het zo is. Daarmee is niets bewezen. Dus, als wij de analogie over willen dragen naar andere organische “machines” en processen moeten we vaststellen dat we het over een inbeelding hebben. Ik bedoel inbeelding hier niet negatief - denk aan Idee. Dat maakt het niet onbruikbaar, maar we moeten ons dat wel realiseren. We gebruiken (voorlopig nog) een metafoor. Zoals vroeger de mens / menselijke geest als horloge werd gezien. Dat is riskant, want niets is zo aan slijtage onderhevig als een metafoor - inmiddels stellen we onszelf veel gecompliceerder voor: een computer.

We denken dat er evenwicht is; om dat evenwicht te bewaren vullen we zelfregulatie in. En proberen dat dan te vertalen naar andere fenomenen. Bijvoorbeeld: het klimaat.
En of we nu woorden gebruiken als cybernetisch systeem, autonome regulering, regelkring, feedback ... of zelfregulatie - wat ik voor dit verhaal tot hiertoe een goede term vind - we zullen, zoals ik eerder heb gezegd ... aan moeten kunnen geven hoe die schakeling functioneert en “wie” die functie heeft aangebracht. Verder veronderstelt een systematiek voor reguleren, naar mijn smaak, dat “iemand” de norm bij kan stellen. [NB: deze “iemand” is onpersoonlijk]
De biologie kent hiervoor overigens een woord: homeostase. Of dat alles zou omvatten wat hier bedoeld wordt, is een vraag die nog beantwoord moet worden.

Als ik goed naar Galjee luister zie ik bij hem dezelfde vraag: hoe ziet zo’n regelkring eruit?
Als ik Rörsch goed interpreteer is hij zekerder van zijn zaak, maar, desgevraagd, is hij nog niet met een voorbeeld gekomen waarmee ik tevreden was.

Voor mij zijn er twee moeilijk te beantwoorden vragen:

a) wie heeft die functie van zelfregulatie aangebracht, waar komt die vandaan
b) is het waar, dat als er een norm is, dat het kenmerk daarvan moet zijn dat die aanpasbaar is - dat dus die “iemand” kan ingrijpen

Om met vraag b) te beginnen: die kan ik (nog) niet beantwoorden. Logisch gesproken: normen vervagen en wijzigen. Dus voor het menselijk lichaam, of voor het klimaat, zou kunnen gelden dat een norm aangepast kan worden door omstandigheden.

Vraag a) - waar komt die functie vandaan - zou je af kunnen doen met: dat is het proces van evolutie. Daarmee is alleen maar een woord gegeven aan iets wat een heel ingewikkeld proces moet zijn geweest, en dat een ingewikkeld proces heeft opgeleverd. Maar, laten we aannemen dat dat voor de als zodanig herkenbare processen in het menselijk lichaam geldt - kunnen we daarmee dan de vraag naar zoiets als het klimaat, of een willekeurig ander aardsysteem, verplaatsen en hanteren.
Dat zou dan ook via evolutie ontstaan moeten zijn.

We denken dat er evenwicht is; om dat evenwicht te bewaren vullen we zelfregulatie in.
De vraag die dan toch eerst beantwoord moet worden is: is er evenwicht, of verzinnen wij dat maar?

De aarde nu was woest en ledig in den beginne, en dat is ie heel lang geweest. Geen evenwicht te bekennen. Zelfs onze eerste voorouders, nu zo’n 300.000 jaar geleden, zullen niet zoiets als een evenwicht hebben herkend - zie de mythologieën van alle volkeren waarin catastrofes een belangrijke rol spelen. Zelfs de Grieken, met hun vrolijke, welhaast speelse benadering van de “bovenwereld” zien toch allerlei kleine en grote noodlottige gebeurens.
Is het feit dat we van interglaciaal naar interglaciaal leven - of, zo je wilt, van big bang naar big bang - een aanduiding van het herstellen van evenwicht? Het probleem is: die vraag is met een beetje acceptabele speculatie wel te beantwoorden. Ja, we gaan van pn naar pn+1, en tussendoor tellen we onze kwellingen en onze zegeningen. Het gebeuren p staat dan voor een catastrofale kwelling.

Peter Ward, een paleontoloog, heeft daarover wel een theorie: de aarde kan een evenwicht opzoeken - maar dat zal dan een chemisch evenwicht zijn, waarin alle leven verdwenen is. Deze theorie heeft hij ontwikkeld als tegenhanger van de Gaia-hypothese, van James Lovelock, die zegt that living organisms interact with their inorganic surroundings on Earth to form a synergistic and self-regulating, complex system that helps to maintain and perpetuate the conditions for life on the planet. Met dank aan Marleen, die daarover geblogged heeft
Lovelock schetst ons een schitterend toekomstig evenwicht.
De voorspelling van Ward heeft een hoger realiteitsgehalte: de zon zal ooit ophouden, en ver daarvoor zal er alleen nog chemie zijn.

Daarmee zijn we nog niet aan het begin van inzicht, laat staan aan een antwoord toe. De wetenschap is zoekende.

Er is één ding waarvan ik stellig overtuigd ben: dat zelfregulatie verbonden is met metertjes, normen en knoppen. En dat zelfregulatie ook betekent dat de normen op één of andere manier bijgesteld kunnen worden. Hoe die metertjes en knoppen er verder uitzien, weet ik ook niet. Is koorts een metertje of een knop? Bij de normen kun je denken aan natuurconstanten.
En ik blijf voorlopig nog denken dat het bewijs leveren van de aanwezigheid van dergelijke processen een heidens karwei is, iets heel anders dan het bewijzen van de relativiteitstheorie, om maar een dwarsstraat te noemen.

Maar het feit dat wij een analogie zien tussen het menselijk lichaam en het klimaat - ja, dat schept verwachtingen.

Is “autoregulatie” nu een goed woord?
Ik denk dat het in de zin, waarin ik het hier aan de orde heb gesteld, een hanteerbare aanduiding is.
Ik geloof niet dat het woord gebruikt kan worden om bijvoorbeeld het proces, dat beschreven wordt in de hierboven genoemde wet van Stefan-Boltzmann, aan te duiden. Er moet sprake zijn van een gecompliceerd samenstel van processen, dat niet in een eenvoudige wet te vangen is.

Kan het klimaat autoregulerend genoemd worden?
Lovelock geeft daar een positief antwoord op - in bredere zin. Ward stelt daar een zeer negatieve hypothese tegenover.
De klimatologen zien een natuurkundig verschijnsel en spreken van positieve en negatieve feedback. Ik betwijfel of het toekennen van een bewuste functie aan deze fenomenen in het klimaat het karakter van speculatie te boven zal komen.
Mijn scepsis is groot.

NB
Dit is de zevende van een aantal impressies van wat zich in de climate wars afspeelt.
Volgende impressie verschenen alleen op climategate, zie: overige impressies climategate

Wednesday, March 14, 2018

Gespräch über Klimaschutz



die Älteren der Stadt und die Klimawandel

Herborn - Leonardo im Gespräch mit der lokalen Bevölkerung


die Älteren: "Ah, hätten wir ihre Probleme gehabt ...“




NB
Dit is een speldeprikje, uitgedeeld tijdens het "bestuderen" van het wel en wee van de climate wars. Voor die climate wars zie: climate deniers
Voor het volgende speldeprikje zie: NRC checkt opnieuuw fact










Friday, March 9, 2018

inzicht op een rijtje

Deze tekst ligt min of meer in het verlengde van Arons’ marks - aan deze of gene zijde, ik zou zeggen er voor. Ik heb het over het begrip wetenschap zelf. Een begrip dat hier, op deze site, zo veelvuldig valt, om dan tegengestelde inzichten te legitimeren. Tegengestelde inzichten op het gebied van klimatologie.
Dank daarom aan Arthur Rörsch van climategate.nl, die met zijn hinten op die marks ook deze gedachten heeft opgeroepen

Wetenschap is eigenlijk een schap, dat naast kunde, vooral gevuld is met onkunde, met niet weten. Als je tenminste van één schap spreekt. Ik verplaats mij nu naar de wetenschapswinkel, waar ik drie verschillende schappen zie:
- een schap met KENNIS
- een schap met HYPOTHESE, testbare en reeds geteste
- een schap met SPECULATIE

Ik bedoel speculatie in positieve zin. Op basis van kennis en geteste hypotheses kun je best speculeren over wat er achter het doek plaats vindt, en niet zelden zullen speculaties tot hypothese worden, en daarna tot kennis.

Die winkel waar ik mij bevind staat uiteraard vol met schappen, van allerlei deelwetenschappen, en elke wetenschap heeft schappen van alle drie genoemde soorten.

Beginnen we bij de wiskunde.
Ik zie dat de schappen KENNIS boordevol zijn, de schappen HYPOTHESE en SPECULATIE lijken leeg.
Dat klopt ook wel, wiskunde is eigenlijk een spel met zo weinig mogelijk spelregels, en daarmee moet je allerlei puzzeltjes oplossen. Al heb je er in de praktijk veel aan, het heeft geen relatie tot de werkelijkheid. Een punt heeft geen omvang, terwijl een lijn, die je toch echt van A naar B ziet gaan, uit punten bestaat. En als A en B niet aan de einden zijn gezet heet de AB een lijnstuk en is de lijn oneindig, terwijl je die toch op een A-viertje getekend hebt.
1 + 2 = 3 geldt alleen als we ons aan de afspraken houden. Ik kan gemakkelijk, in 9 algebraïsche equations, bewijzen: 1 = 2.
Heel abstract allemaal.
Er zijn wel problemen en stellingen die gedefinieerd worden die onoplosbaar zijn, maar dat heeft niks met hypothese of speculatie te maken.
Ik heb een keer met de computer de priemgetallen berekend van 1 tot 1.000.000, en ze daarna afgedrukt op rijen van 100 breed, niet als nummer maar als “*”, om te kijken of er een patroon zichtbaar werd. Mooi behangetje meneer, zegt de wiskundige dan, maar nu nog even het bewijs.
Er is sprake van n-dimensionale stelsels, die volgens mij geen reëel probleem gaan oplossen - maar binnen het abstracte kader is dat prima te hanteren.

Gaan we naar fysica, ik doel nu op natuur- en scheikunde in de breedste zin.
Het schap met KENNIS is boordevol, behoorlijk wat bergruimte. Begrijpelijk, want je hebt iets tastbaars in je handen. Zelfs de kleinste deeltjes kunnen zichtbaar gemaakt worden.
Er zijn ook behoorlijk wat schappen HYPOTHESE - testbaar en werkbaar. Ook begrijpelijk, je ziet wat voor je ogen gebeuren, en je vraagt je wat af in het licht van bestaande kennis.
Er is ook een schap SPECULATIE, behoorlijk gevuld. Iets over multiversum, snarentheorie, oersoep en het ontstaan van leven - overgangsgebied naar een andere wetenschap. En zelfs worden er plekken in het heelal gedacht waar sprake is van meer dimensies dan wij kennen.

Er is ook een afdeling theologie. Daar heeft ooit iemand geprobeerd de fik in te steken, zegt de man in de winkel, maar dat is niet gelukt.
Er zijn behoorlijk wat schappen met KENNIS. Kan dat?
Wel, als je theologie beschouwt als inzicht in hoe het godsbeeld is ontstaan, en hoe die tot zo’n gemankeerde verhouding tot de mens is geraakt - dan kan dat uiteraard.
Maar het schap is ook gevuld met pretenties van kennis over God zelf, en zijn verhouding tot de mensen. Daar werd die pyromaan een beetje opgewonden van.
Ik persoonlijk zou er de voorkeur aan geven de historische behandeling op het schap KENNIS te laten liggen. En al het andere rücksichtslos naar het schap SPECULATIE. Maar ja, ik heb het niet voor het zeggen

Er is wel iets raars aan de hand bij theologie. In het vervolg komen een paar hoofdstukken uit de wetenschappelijke canon langs die verwarring en controverse hebben veroorzaakt. Zo niet bij theologie.
Bij filosofie is een man gepromoveerd, Jan Auke Riemersma, op het bestaan van God - ik meen: vooral als godsbeeld. In de commissie zat ook een atheïst.
Binnen theologie is iemand gepromoveerd, Emanuel Rutten, op het hoofdstuk godsbewijs: voor alle duidelijkheid, hij meent te kunnen bewijzen dat God bestaat.
Beide geschriften hebben geen stof doen opwaaien.

Dan is er een afdeling voor het zoogdier mens: medicijnen / biologie / evolutie.
Het schap KENNIS is goed gevuld. Wat medicijnen en biologie betreft: terecht, zou ik zeggen, maar hier en daar toch ook te goed gevuld.
Ik doel nu op het inzicht in de invloed van het nuttigen van alcohol op het organisme. Een kennis die huisarts is, zei dat hij klantjes moest voorhouden: twee glazen wijn per dag, maximaal. Ik doe het braaf hoor, Leonardo, zei die, maar waar ze het vandaan halen, ik zou’t niet weten. En zo schreven vorig jaar drie chirurgen van academische ziekenhuizen in NRC Wetenschap: geen druppel per dag, iedere druppel is er één te veel. Nu stijgt de gemiddelde leeftijd, en zo ook de gemiddelde gezondheidstoestand van de mens, en dat is toch echt niet alleen voorbehouden aan niet-drinkers.
Ik denk dat dit inzicht op de plank HYPOTHESE hoort, en ik vraag me af of het de toets der kritiek zal doorstaan. Ik heb ernstige vraagtekens bij de manier waarop de observatie tot stand is gekomen.

Mag het schap KENNIS bij evolutie gevuld zijn?
Ik weet het niet. We hebben Darwin, en zijn heiligverklaring. Geen misverstand, voor mij is evolutie absoluut geen vraag, maar het is en blijft een theorie. Er zijn een heleboel tekenen die er op wijzen - ik zou zeggen data die beter aan wetenschappelijke criteria voldoet dan de proxies van klimatologie. Maar, mag je het dan kennis noemen?
Ik zou zeggen verschuif eens een heleboel naar hypothese.
Misschien dat er daarom in de handboeken hoofdstukken zijn opgenomen: evidence for evolution.
Misschien dat er daarom wel een site is die heet: why evolution is true. Van een scholar die zichzelf wel serieus neemt, maar vindt dat ie door het (Amerikaanse) publiek niet serieus genomen wordt.

Hier is een controverse van heb ik jou daar ontstaan. Een filosoof, opnieuw een filosoof, Joris van Rossum, promoveerde op een proefschrift waarin hij de evolutionaire theorie over de geslachtelijke voortplanting ter discussie stelde. De wereld was te klein. De evolutionist community op haar achterste benen. En een gemor uit duizend kelen: wil een filosoof ons vertellen hoe de evolutie in elkaar steekt?
Het zal iets over theologie zeggen dat daar geen opwinding was over genoemde proefschriften, maar het zal ook iets zeggen over het zelfbewustzijn/zelfvertrouwen van de evolutionisten.

Ik zou zeggen, wat evolutie betreft mag er ook wel het één en ander van de schappen HYPOTHESE naar de schappen SPECULATIE worden verplaatst.

En zo ben ik aanbeland bij mijn uitgangspunt: het pad loopt van wiskunde via fysica via theologie via biologie en evolutie naar klimatologie. En niet voor niks, de bedoeling is dat er alvast wat eyeopeners langs zijn gekomen voor wat ik nu ga zeggen.

De schappen van KENNIS zijn bij klimatologie behoorlijk gevuld. De eigenaar van de winkel ziet mijn gezicht op vraagteken staan, en geeft toe: ik weet ook niet of het op de juiste plek terecht is gekomen. Er is veel discussie. Iedere keer als er weer iets binnenkomt, vraag ik: waar? En nog heeft iemand niet zijn mond opengedaan KENNIS! of een ander roept, helemaal niet, HYPOTHESE!
Dat beeld herken ik. Dat zien we op deze site veelvuldig.

Laat ik als lichtend voorbeeld nemen de hockeystick van Mann.
Mann en nog een paar onderzoekers publiceerden iets over opwarming, wat bekend is geworden als de hockeystick: het klimaat is flink op drift geraakt. Let wel: dat is niet de wetenschap die dit zegt, dat is Mann et al die dit zegt.
Dat werd bekritiseerd door de Canadezen McIntyre en Ross McKitrick. Opnieuw: dat was niet de wetenschap die sprak, dat waren twee geleerden die hierover hun licht lieten schijnen.
Dat leidde tot een controverse, een knoop die het Amerikaanse Congres doorgehakt wilde zien. Dat benoemde een illuster trio geleerden, die terugkwamen met lang niet zulke malse kritiek op het werk van Mann, alsmede op de peer reviews. Let wel, dit is weer niet wat de wetenschap zegt, dit is wat een illuster trio geleerden zegt.
De controverse was hiermee niet opgelost, maar dat boeit me nu niet. Waar het mij hier omgaat is dit: er is een dispuut binnen de deelwetenschap klimatologie, en daar is geen eensluidende uitspraak over gekomen. Dé wetenschap zegt dus niks! Het helpt dan niet veel, wat zeg ik, het draagt helemaal niets bij, om linkjes heen en weer te gaan sturen: dit is de wetenschap.

De wetenschap is: er is geen eenduidig inzicht, er is geen eensluidende uitspraak, dit weten mag maximaal in het schap HYPOTHESE terecht komen. De winkelier was het met me eens, en gezamenlijk hebben we een groot deel van wat bij klimatologie op de schappen KENNIS lag naar HYPOTHESE verplaatst.
Tevreden vroeg de handelaar in inzicht of ik een kopje thee lustte. We gingen naar het achterhuis. De thee was nog niet gezet, of er kwam een oorverdovend lawaai vanuit de winkel. We renden er heen, maar konden de tussendeur niet openkrijgen, die was geblokkeerd. Het heeft even geduurd voordat we die deur weer open hadden. Ondertussen was het lawaai verstomd.
De winkel lag er netjes bij, geen rotzooi.
Alleen, de schappen SPECULATIE en HYPOTHESE van klimatologie waren helemaal leeggeroofd. Op het eerste gezicht dan. Toen we beter keken bleek dat alle inzicht bij klimatologie verplaatst was naar de schappen KENNIS.

NB
Dit is de zesde van een aantal impressies van wat zich in de climate wars afspeelt.
Voor de volgende impressie zie: het klimaat: iets als het menselijk lichaam?