Een zeer recent teletekstbericht, vermoedelijk vanwege de moord op Lisa.
Het roept bij mij vragen op, vooral naar aanleiding van redactionele en op-ed bijdragen in diverse kranten
Eerst dat woordje feminicide
Onafwendbaar, en ontegenzeglijk, roept het associaties op met genocide: een heel volk van de kaart vegen. Dat staat niet haaks op de bedoelingen van de man die het begrip gemunt heeft: van genocide is ook sprake als je een klein groepje mensen ombrengt met als motief omdat ze een bepaald kenmerk gemeen hebben.
Maar als ik feminicide hoor en ik denk aan genocide – de Armeniërs, de Joden, niet te vergeten wat de Israëliërs/Joden nu zelf aan het doen zijn met de Palestijnen – dan gaat er toch iets van bokkigheid bij mij opspelen.
Een raar begrip dus, waar je een onbestemd gevoel van krijgt.
Niet alleen vanwege het aantal. Dat je één moordgeval van een vrouw feminicide noemt, prima. Maar dat je feminicide ziet als maatschappelijk probleem bij 44 doden, dat is jezelf overschreeuwen. Ook al vanwege het veel hogere aantal mannen dat slachtoffer is van een moord, niet alleen in Nederland.
Lisa.
Anne Faber.
Marianne Vaatstra.
Een asielzoeker, een geestelijk gestoorde jonge man, een veehouder.
Verschrikkelijke gebeurens waar je verstand bij stil staat.
En ik wil daar heel duidelijk over zijn: met zulke mannen voel ik mij als man niet verwant. En ik wil ook niet, in wat voor deelverzameling dan ook, met deze mannen geïdentificeerd worden.
Maar dat onbestemde gevoel, waar je je een beetje ongemakkelijk bij gaat voelen wordt wel verwacht van mij.
Vrij Nederland begint een bijdrage aan de discussie met Witte mannen vermoordden de afgelopen maanden tientallen vrouwen. Ze zullen misschien Marc, Jan-Dirk, Hendrik geheten hebben.
NRC kopt Sleutel voor de veiligheid van vrouwen: ‘Tijd dat de man zich leert aanpassen’. Waaronder deze tekst volgt: Maar alle vormen van objectivering – catcalling [naroepen], kleedkamergrappen, blikken langs je lichaam – komen voort uit hetzelfde systeem waarin de vrouw minder recht heeft op de publieke ruimte. De meeste mannen nemen gelukkig niet de stap naar extreme daden, maar al die lagen moeten eruit.
Socioloog Milio van de Kamp formuleert het zo. Ik denk dat wij mannen de factoren die spelen bij gendergeweld nog niet inzien en soms ook niet durven inzien. Dat moet veranderen, het is aan ons om het ongemakkelijke gesprek aan de keukentafel en in de kroeg te voeren’. De Volkskrant.
Al die lagen moeten stuk! *)
Niet omdat die lagen onderzocht zijn - in verhouding bijvoorbeeld tot de soort man waar je dat soort lagen kunt "aantreffen" – nee, gewoon, er is een jong meisje vermoord.
Ik moet denken aan een grap, één van de mooiste die ik ken, vooral omdat ie zo kort is.
Komt een vrouw bij de dokter, een onbestemde klacht.
Na enig onderzoek vraagt de dokter: rookt U ook … uh, na de daad bedoel ik.
Zegt de vrouw: daar heb ik nou nog nooit op gelet, dokter.
Die heb ik wel eens in een kroeg verteld.
Het zal me toch straks niet gebeuren, dat als ik die mop weer eens in een kroeg vertel, er een meneer aan komt lopen, soort heilssoldaat, die mijn barbuurman vraagt om even op te schikken, “… want ik moet even een serieus gesprek, van man tot man met deze Meneer hebben over wat sociaal gesproken echt niet meer kan.”
*) Over answered prayers gesproken.
Ik ben wel benieuwd wat voor problemen je krijgt, als alle mannen die hier aangesproken worden – alle mannen van Nederland dus! – de hamer ter hand nemen en al die lagen bij zichzelf daadwerkelijk kapot gaan slaan. Ik moet er eigenlijk niet aan denken.
No comments:
Post a Comment